Aantrekking tot hetzelfde geslacht

De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen mengt zich niet in de discussie of een neiging om zich aangetrokken te voelen tot personen van het eigen geslacht is aangeboren of aangeleerd. Dit is een wetenschappelijke discussie en heeft geen enkele invloed op het standpunt van de kerk inzake homofilie.

De kerk blijft bij het schriftuurlijke standpunt dat seksuele intimiteit alleen zou moeten plaatsvinden tussen partners in een traditioneel heteroseksueel huwelijk.* Zij vraagt van haar ongehuwde leden dat zij celibatair leven en verlangt hetzelfde van (ongehuwde) leden die zich aangetrokken voelen tot personen van hun eigen geslacht.

De kerk veroordeelt niemand wegens gevoelens die hij of zij heeft. Zij leert haar leden om ieder lief te hebben als zijn of haar broeder of zuster, daar wij allen kinderen van onze hemelse Vader zijn. Maar wij verafschuwen zonde, en homoseksueel gedrag wordt door de Bijbel als zonde aangemerkt. Maar wij staan een liefdevolle houding voor tegenover hen die hiermee worstelen. In 1991 heeft de kerkleiding hierover een brief geschreven, waarin onder meer staat: 'Wij moedigen kerkleiders en -leden aan om allen die hiermee worstelen vol liefde en begrip de hand te reiken.'

Leden met homoseksuele gevoelens worden dus ook niet om hun gevoelens veroordeeld, maar er wordt hun wel gevraagd om zich te beheersen. Wij erkennen de drang die zij kunnen ervaren, waar die drang ook vandaan komt, maar houden vast aan het standpunt dat die drang te weerstaan is. Door de macht en de genade van Jezus Christus hebben wij de kracht om alles te doen wat de Heer van ons verlangt. Dat omvat ook het weerstaan van verleiding (zie 1 Korintiërs 10:13). En het omvat ook omgaan met al dan niet aangeboren beperkingen. Geen van deze dingen hoeft het bereiken van onze eeuwige bestemming in de weg te staan.

 

Zie ook: Focus op... 'Aantrekking tot hetzelfde geslacht'; Misvatting: homohaat.

 



* Let wel: een heteroseksueel huwelijk wordt niet aangeraden als 'geneesmiddel'. In antwoord op vragen hierover, heeft wijlen Gordon B. Hinckley, president van de kerk, gezegd: 'Het [heteroseksueel] huwelijk mag niet als therapeutische stap tot het oplossen van homoseksuele neigingen of gedragingen worden gezien.' Wij willen niet dat iemand onder valse voorwendselen, of met een hen onbekende dreiging aan de horizon, gevraagd wordt voor een huwelijk dat hem of haar veel verdriet en hartzeer zou kunnen opleveren. Iemand die problemen heeft op dit gebied en die niet in de hand heeft, zou in alle integriteit moeten besluiten om geen heteroseksueel huwelijk aan te gaan. Aan de andere kant zouden personen die zich van alle overtreding hebben ontdaan, zich gezuiverd hebben en hebben aangetoond dat zij deze gevoelens of neigingen kunnen beheersen, en zich vervolgens aangetrokken voelen tot iemand van het andere geslacht, wel met recht de stap kunnen doen naar zo'n huwelijk en de mogelijkheid om kinderen te krijgen.
Homohuwelijken worden van de hand gewezen als tegennatuurlijk en indruisend tegen Gods wil. De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen onderschrijft uitsluitend het traditionele en schriftuurlijke huwelijk tussen man en vrouw.