INWIJDING

Een dag om nooit te vergeten

Vijver Den Haagtempel

Na de spannende periode waarin men naar de voltooiing van de nieuwe tempel in Zoetermeer had uitgekeken en de twee geweldige weken waarin tienduizenden mensen dat bijzondere gebouw hebben bezocht, was 8 september 2002 de grote dag waar duizenden leden naar hadden uitgezien: de dag waarop een profeet van de Heer de tempel zou inwijden, en door de macht van het priesterschap een mooi gebouw tot een waar Huis des Heren zou maken.

Een uniek gebouw is het in veel opzichten. Het enige gebouw in de Benelux waar een huwelijk voor tijd en eeuwigheid kan worden gesloten, en waar de heilbrengende verordeningen ten behoeve van onze overleden voorouders kunnen worden verricht. Onder de, op dat moment tellende, 114 tempels in de wereld is het de enige die enkele meters onder de zeespiegel is gebouwd, die niet alleen over een ondergrondse parkeergarage maar ook over een fietsenstalling beschikt, en een van de weinige waarvan je de hoofdingang bereikt via een brug over een vijver.

Grote belangstelling

Al meer dan anderhalf uur voor de eerste inwijdingsdienst stonden heel wat leden bij de ingang en de zuidoostelijke hoek van de tempel te wachten. Verheugd zagen ze president Gordon B. Hinckley arriveren, vergezeld door zuster Marjorie Hinckley en een dochter, twee gebiedspresidenten en hun echtgenotes. President Hinckley begroette de vele leden opgewekt en begaf zich naar de tempel om zich op de inwijding voor te bereiden.

Dat er twee gebiedspresidenten waren gekomen, had te maken met een nieuwe indeling van Europa die op 1 juli van kracht was geworden. Toen de tempel werd gebouwd, maakte Nederland deel uit van het gebied Europa-Midden, maar ten tijde van de inwijding behoorde dit land tot het gebied Europa-West. Daarom waren zowel president D. Lee Tobler van het gebied Europa-Midden als president Harold G. Hillam van het gebied Europa-West bij de inwijding aanwezig.

Vier inwijdingsdiensten

Koor bij de opening van de Den Haagtempel

Om negen uur begon de eerste inwijdingsdienst. In de tempel zaten bijna 800 leden uit de ringen Rotterdam en Den Haag; in de kerkgebouwen te Rotterdam en Den Haag volgde nog een aantal leden de dienst via een satellietverbinding.   Na de openingslofzang kwam president Hinckley naar buiten om de hoeksteen te voegen, ondanks een flinke regenbui nog steeds gadegeslagen door een groot aantal belangstellende leden, genodigden die bij de bouw van de tempel betrokken zijn geweest en nieuwsgierige buurtbewoners. Kinderen die bij de plechtigheid aanwezig waren, werden door president Hinckley uitgenodigd om hem te assisteren. Na de ceremonie begaf hij zich weer naar de celestiale zaal van de tempel, waar de dienst werd voortgezet met toespraken, lofzangen en het inwijdingsgebed.

Om half twaalf begon de tweede inwijdingsdienst. De tempel werd nu grotendeels gevuld door leden uit de ring Antwerpen, en opnieuw was er een groep leden uit de ring Den Haag. Ook deze dienst werd in de celestiale zaal gehouden, kon in andere ruimten in de tempel worden gevolgd door middel van een gesloten televisiecircuit en in twee kerkgebouwen via een satellietverbinding. President Hinckley uitte zijn liefde voor de leden en moedigde hen aan regelmatig de tempel te bezoeken. Geraakt door zijn woorden en die van andere sprekers, bleven veel leden na de dienst nog een tijdje in de buurt van de tempel om na te praten in de septemberzon.

De derde inwijdingsdienst werd in het Frans vertolkt, en werd hoofzakelijk door leden uit de ring Brussel bezocht, afkomstig uit het Franstalige deel van België en een klein gedeelte van Noord-Frankrijk. Van de aanstaande gebruikers van de nieuwe tempel hadden zij de langste reis gemaakt. De middag was al ver gevorderd toen ze de tempel verlieten om plaats te maken voor de leden uit de ring Apeldoorn en een laatste groep leden uit de ring Den Haag.

Om half vijf begon de vierde en laatste inwijdingsdienst. President Hinckley nam ruimschoots de tijd om verschillende voor deze dienst genodigden hun getuigenis te laten geven. Zelf sprak hij als laatste en riep de leden op om te bedenken wat het belangrijkste is in dit leven en om het heilige werk te verrichten waarvoor de tempels zijn gebouwd. Nadat voor de vierde maal het inwijdingsgebed was uitgesproken en de imposante Hosanna-lofzang was gezongen, waren velen zo onder de indruk dat ze nog lange tijd buiten na bleven praten. Toen president en zuster Hinckley naar buiten kwamen om op weg te gaan naar Oost-Europa, werden ze enthousiast begroet door de honderden leden die er nog stonden. Ook een bus met leden uit Groningen werd geestdriftig uitgezwaaid door de vele leden die nog wat langer waren gebleven. Het kostte moeite om, al was het maar voor een tijdje, afscheid te nemen van de tempel waarnaar we zo lang hadden uitgezien en waarvan de inwijding zo’n bijzondere gebeurtenis was geweest.

Frans Heijdemann, redacteur Liahona